De Belgisch staat heft bovengemiddeld veel sociale bijdragen bij werkgevers en werknemers, maar die volstaan allang niet meer om de kosten voor de sociale zekerheid te dekken. In principe gaat het om 13,07% van het brutoloon voor werknemers en 25% voor werkgevers, onafhankelijk van het loonniveau.
Naast de klassieke personenbelasting zijn werknemers ook onderworpen aan de socialezekerheidsbijdragen.
Verzekeringsprincipe?
De sociale zekerheidsbijdragen volgen een heel andere logica dan de fiscaliteit en hebben bovendien een andere finaliteit. Ze vertrekken vanuit een verzekeringslogica, waarbij elke betaling – in principe – recht geeft op een bepaalde tegenprestatie in de vorm van de opbouw van sociale rechten. Doordat in recente jaren het verband tussen de betaling en de prestatie steeds verder werd uitgehold, is van zo’n verzekeringslogica steeds minder sprake.
Tegelijk volstaan de middelen die worden opgehaald via de sociale bijdragen al lang niet meer om alle verschuldigde tegenprestaties (vooral ziekte-uitkeringen en pensioenen) te dekken. Het tekort wordt door de Belgische staat bijgelegd uit de inkomsten van de klassieke belastingen. Daarom is het voor belastingplichtigen economisch nog weinig relevant of hun verplichte afdrachten nu worden beschouwd als belastingen of als bijdragen. Er wordt dan doorgaans ook naar verwezen als de parafiscaliteit. Om die reden bespreken we deze tak van het overheidsbeleid ook in onze Fiscale Barometer.
Sociale bijdragen maken in België gemiddeld 32% van de loonkost uit.
Verschil met de personenbelasting
Het duidelijkste verschil tussen de sociale bijdragen en de personenbelasting bestaat erin dat de sociale bijdragen geen progressiviteit kennen, maar proportioneel zijn. Het gaat (in de meeste gevallen) om een ‘flat tax’ ongeacht het inkomensniveau. Ze vallen uiteen in werkgeversbijdragen en werknemersbijdragen:
- De werknemersbijdragen bedragen in de regel 13,07% van het brutoloon, en worden daarvan afgetrokken om (na de inhouding van de personenbelasting) te komen tot het nettoloon.
- De werkgeversbijdragen bedragen in de regel 25% van het brutoloon en worden bovenop dat loon betaald door de werkgever.
Noot: Op de werkgeversbijdrage is vaak een beperkte structurele vermindering van toepassing. Het bespreken daarvan zou ons echter te ver leiden.
Internationale vergelijking
De sociale bijdragen zijn dus gemiddeld goed voor 32% van de totale loonkost. Dat ligt ruim 10% hoger dan het OESO-gemiddelde: slechts 6 van de 38 OESO-landen hebben nog hogere sociale bijdragen. Kortom, de sociale bijdragen vormen in België een sterk bovengemiddelde druk op de lonen van werknemers.
Anders gezegd: de inkomsten van de Belgische Staat bestaan maar liefst voor 31% uit sociale bijdragen. Dat is dus ruim 5% meer dan het OESO-gemiddelde van 25,5% (zie hiervoor ook de fiche ‘Samenstelling van de inkomsten: de tax mix’).
Noot: De werknemersbijdragen worden voor werknemers met lage lonen verminderd via de werkbonus. Zie daarover de ‘Werkbonus’.